
Queen Maeve Tour
Op onze eerste dag in Boyle besloten we om een route te rijden uit een boekje dat in het huisje aanwezig was, de Queen Maeve Tour over het schiereiland Coolera. Queen Maeve was de legendarische koningin van Connacht en ze is een belangrijke persoon in de Táin, één van Ierlands bekendste legendes die handelt over Cúchulainn die Ulster beschermt tegen de aanvallen van Maeve. Er zijn aanwijzigingen dat Maeve inderdaad een godin van de onafhankelijkheid is, één van de Ierse vrouwelijke godinnen van oorlog, macht en sexualiteit.
Haar dood is al even bizar, een 11e eeuwse legende vertelt dat ze door haar neef is gedood met een hard stuk kaas, afgeschoten met een katapult. Ze zou zijn begraven onder een stapel stenen op de top van de Knocknarea. Deze stapel stenen staat bekend als Miosgán Meadhbha oftewel het Graf van Maeve en is 10 meter hoog en 55 meter in doorsnede. Bijna overal tijdens deze tour kun je de berg Knocknarea zien en de stapel stenen op de top. Als eerste reden we naar Sligo, het beginpunt van de rondrit. Vanuit hier reden we langs de kust over het schiereiland Coolera. Onze eerste stop was in de badplaats Strandhill, een populaire bestemming op een mooie dag als deze. We hebben een eind over het strand gelopen. Na de wandeling hebben we wat gegeten en hebben we de tour vervolgd. De volgende stop was bij de berg Knocknarea, deze kun je beklimmen maar dat hebben we niet gedaan. Vanaf de berg zijn we naar de Megalitische begraafplaats van Carrowmore gereden, de grootste megalitische begraafplaats in Ierland en één van de oudste en belangrijkste van Europa. Er zijn diverse graven te zien waaronder een ganggraf, een stuk kleiner en minder indrukwekkende overigens dan Newgrange en een steencirkel. Na nog een aantal stops zijn we naar Aughris Head gereden. Volgens het boekje zijn er daar vanaf de kliffen diverse soorten zeevogels te ziens, maar ook zou je zeehonden en dolfijnen moeten kunnen zien. We hebben een mooie wandeling over de klif gemaakt, maar we hebben geen enkele zeehond of dolfijn gezien.
County Mayo: Céide Fields, Downpatrick Head en Lacken Strand
Een rondje door County Mayo. Onze eerste bestemming was Céide Fields, het grootste monument uit de steentijd ter wereld. Akkerland, nederzettingen en megalitische graftombes van meer dan 5000 jaar oud liggen hier onder het veen verborgen en zijn daardoor uitstekend geconserveerd. Het veen is op een aantal plaatsen afgegraven zodat de vervallen stenen muren zichtbaar zijn geworden. Ook zijn hier tijdens opgravingen aardewerken voorwerpen en een ploeg uit de steentijd gevonden.
In het bezoekerscentrum wordt een impressie gegeven van het leven van de mensen in die tijd en buiten is de stenen muur nog te zien op de plaatsen waar het veen is afgegraven. De Céide Fields liggen direct aan de kust bij een aantal spectaculaire kliffen. Helaas was het een beetje mistig zodat de kliffen niet goed te zien waren en het onderscheid tussen zee en lucht vervaagde. Vanaf de Céide Fields zijn we een klein stukje verder gereden naar Downpatrick Head. Hier is ook een enorm grote blowhole te zien midden in het veld op de klif op zo'n 100 meter vanaf het water. Een groot hoog hek moet voorkomen dat je per ongeluk een tiental meters naar beneden stort. Vanaf Downpatrick Head was het eveneens maar een klein stukje rijden naar het Lacken Strand, een erg groot vlak stuk strand waar je zelfs met de auto op kan rijden. Hier hebben we een stuk gewandeld en kon Ciska zich weer uitleven met het zoeken naar schelpen, alhoewel die er niet veel waren. Toen de vloed begon op te komen, en dat gaat vrij snel op een praktisch vlak strand, zijn we terug gelopen naar de auto om vervolgens koers te zetten naar ons huisje in Boyle.
Connemara
Connemara ligt op zo'n 2 uur rijden vanaf Boyle dus vertrokken we rond een uur of half negen. Het weer zag er niet erg uitnodigend uit, mistig en niet erg warm. Rond 10:45 kwamen we aan bij het Connemara National Park, gelukkig was het weer wat ook opgeklaard, de zon liet zich zelfs al zien. Bij aankomst in het Visitors Centre kregen we een korte uitleg over de wandelingen in het park. We hebben de lange wandeling van ongeveer een uur door het park gedaan. Aan het begin van de wandeling is er een wei waar een paar van de beroemde Connemara pony's staan. Voor Ciska het hoogtepunt van de wandeling, helaas is er geen mogelijkheid om er ook op te kunnen rijden, dat vondt ze wel erg jammer. Tijdens de wandeling waren er schitterende uitzichten over de omgeving.
Onder andere de Twelve-Bens en Diamond Hill. Ook de Atlantische oceaan konden we goed zien liggen. Een bekend plantje in het park is de St. Dabeoc's heide. Deze komt behalve in dit park in Europa ook in Spanje en Portugal voor. Terug bij het Visitors Centre hebben we nog tentoonstelling over het veen en de turfwinning bekeken. Vanuit het park zijn we naar het Ocean & Country Museum in Derryinver gereden. Vanuit het museum worden ook boottochten georganiseerd door de haven Ballinakill. Die vertrok pas om 14:30 en bij een pub in de buurt hebben we eerst gelunched voor we aan boord gingen. De tocht vaart door de haven, een arm van de Atlantische oceaan. Het foldertje beloofde diverse soorten vogels en mogelijk een verdwaalde zeehond. Veel diversiteit aan vogels hebben we niet gezien, en al helemaal geen zeehonden. Wel een zalmkwekerij waar we de zalmen uit het water zagen springen. Tijdens de vaart mochten de kinderen aan boord ook even aan het roer staan van de kapitein en ook Ciska heeft de boot even mogen besturen. Na terugkomst in de haven hebben we het Ocean & Country Museum bekeken. In dit museum is een tentoonstelling over alles wat met het leven in de oceaan bij Connemara heeft te maken te zien alsmede iets over het harde boerenleven van de vroegere bevolking in Connemara. Na bezichtiging van het museum zijn we via Clifden terug naar Boyle gereden waar we pas laat, 's avonds om 20:45, weer aankwamen. Al met al een lange en vermoeiende dag.
Rondje Lough Gara
Na onze lange dag naar Connemara hadden we voor de volgende weinig zin om weer lange afstanden te gaan rijden. In het boekje in het huisje stond ook een rondrit in de buurt van Lough Gara. En laat dat nu ook het meer zijn waar ons huisje aan ligt. Volgens de beschrijving begon de tour in Ballymote, maar hij ging ook dicht langs het huisje dus begonnen we halverwege de route. De eerste stop was bij een uitzichtspunt over het meer. Via een steeds smaller wordende weggetje moesten we daar heen. Gelukkig kwamen we geen tegenliggers tegen op dat smalle weggetje.
Eenmaal bij het uitzichtspunt aangekomen hadden we inderdaad mooi zicht op het meer in de verte. Alleen jammer dat de zon niet echt wilde meewerken, het was opnieuw zwaar bewolkt weer, wel droog, maar geen zon te bekennen. Vanaf het uitzichtspunt was het een kort ritje naar de volgende stop, het oude kerkje (althans wat er van over is) van Toomour die waarschijnlijk in de 6e eeuw is gebouwd, hier konden we verder niet goed bijkomen dus we zijn snel verder gereden naar de stad Ballymote. Daar hebben we een korte wandeling gedaan langs onder andere de Franciscaner begraafplaats, de kerk van de Onbevlekte Ontvangenis, het station en de kasteelruïne van Ballymote. Ook vonden we in Ballymote de eerste openbare speeltuin in Ierland zodat Ciska zich ook eens kon uitleven. Speeltuinen zijn hier niet echt dicht gezaaid. Na een lunch zijn we verder gereden naar Gurteen, uit de omgeving van de deze plaats komen veel bekende Ierse musici, onder andere de bekende Michael Coleman. In Gurteen is ook een Coleman Heritage Centre. We zijn er verder niet gestopt maar doorgereden naar de Carrowntemple tabletten. Deze staan op een begraafplaats die nog steeds wordt gebruikt. De 14 tabletten op de begraafplaats zijn kopieën, de originele staan in een museum in Dublin. De motieven op de stenen waren veel gebruikte Ierse kunst van de 8e tot 10e eeuw. Via de Clogher Cashel, verder niet boeiend, en de St. Attracta bron, die zou helpen tegen o.a. wratten. De laatste stop van de rondrit was bij het kasteel van Moygara, het belangrijkste fort van de familie O'Gara. In 1581 is het kasteel door kapitein Malby, gouverneur van Connacht, in brand gestoken en zijn de meeste bewoners gedood. Vanaf de restanten van het kasteel heb je een mooi uitzicht over de omgeving. Vanaf het kasteel, niet ver van ons huisje zijn we terug gereden naar Boyle.
Yeats Country
De beroemde Ierse dichter William Butler Yeats is in Dublin geboren maar al snel na zijn geboorte verhuisde het gezin naar Sligo, zijn moeder kwam oorspronkelijk uit County Sligo. Yeats kwam in zijn latere leven ook vaak naar de deze streek terug. In zijn Reveries over Childhood and Youth schrijft hij met passie over het graafschap Sligo. In het plaatsje Drumcliff is hij begraven. In deze streek is ook een autoroute uitgezet en deze begon in Sligo met een bezoek aan Sligo Abbey.

Cast a cold Eye - on Life on Death - Horseman pass by
Dit in 1253 gestichte klooster bevindt zich nog in een behoorlijk complete staat. De kloostergang
bijvoorbeeld is nog vrij compleet. Van de oorspronkelijke vier gangen zijn er nog drie aanwezig.
Ook is er tussen het schip en het koor in de kerk nog een stenen koorhek aanwezig, zeer zeldzaam
omdat ze normaal van hout en die houden het niet zo lang vol. Vanaf het klooster reden we naar
het strand bij Rosses Point. Hier heeft Ciska weer schelpen gezocht, het water vond ze te koud om
er in te gaan pootje baden. Na een korte strandwandeling zijn we doorgereden naar Drumcliff waar
Yeats ligt begraven. Na zijn graf te hebben bezocht hebben we in de aanwezige Tea room wat gegeten
en gedronken waarna we het High-Cross op de begraafplaats hebben bewonderd. Via Lissadell House
zijn we doorgereden langs de Benbulben berg (526 m) naar de Glencar waterval. Yeats schreef in het
gedicht The Stolen Child over deze waterval: There is a waterfall ... that all my
childhood counted dear.
. Na een korte wandeling door het park bij deze waterval zijn we
richting Parke's Castle gereden aan Lough Gill. Dit als vesting gebouwde herenhuis biedt een mooi
uitzicht over het meer. Het is in 1609 door kapitein Robert Parke gebouwd op de fundamenten van
een 16e eeuwse burcht. De stenen van deze burcht zijn gebruikt voor de bouw van het kasteel.
Typisch bij dit kasteel is dat er buiten de muren een zweethutje staat, de Ierse voorganger van
de sauna, deze stamt al uit de 12e eeuw. Na het bezoek aan dit kasteel hebben we aan de andere
kant van het meer nog een wandeling gemaakt bij Dooney rock. Na een steile wandeling naar boven
werd ons een mooi uitzicht over het meer geboden alhoewel er wel veel struiken het uitzicht
belemmerden. Na deze wandeling zijn we weer terug gereden naar ons huisje.



